30 mei 2017

Iedereen kan iets doen om pesten te stoppen

By |30 mei 2017|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk, Trainingen|

Het interview met de moeder in de Volkskrant van een dag of tien geleden, zette mij aan het denken. Deze moeder vroeg zich af wat zij had kunnen doen om de zelfdoding van een meisje van 16 uit de klas van haar zoon, te voorkomen. Dat deed mij denken aan de situatie van een paar weken geleden. Ik fietste door het Vondelpark na een bezoek aan de tandarts naar huis.

Helemaal tof voelde ik me niet, want de verdoving begon uit te werken. Ik hoorde plotseling gejammer. Ik spitste mijn oren: een kind dat bij zijn ouders is en dreint? Een meisje dat belaagd wordt door een jongen of jongens? Het gejammer hield aan. Het was ergens echt niet pluis. Ik besloot op onderzoek uit te gaan, en jawel, een jongen van een jaar of 11 in lichte staat van paniek staat bij fietsen en twee jongens staan er met stokken bij. Dus ik denk ‘zoek het uit’ en fiets weg… Nee, natuurlijk niet! Ik vraag wat hier aan de hand is. Ik zorg dat de jongen zijn fiets kan pakken en weg kan gaan. Zonder overigens die twee boosdoeners de mantel uit te vegen, want ik weet natuurlijk niet echt wat er is voorgevallen.

Wat mij nu het meeste raakte in de hele situatie is niet dat dit soort pestgedrag vóórkomt. Dat weet ik natuurlijk wel. Maar dat iedereen in dat park gewoon doorging met fietsen, lopen, op het gras hangen, terwijl die natuurlijk ook het gejammer van dat kind kunnen horen. Er is een uitspraak die ik me niet exact herinner, maar iets als ‘de meeste pijn wordt niet veroorzaakt door daders, maar door de mensen die toekijken’. Ik hoop maar dat ik gewoon de eerste was die kwam kijken.

Had ik anders moeten handelen? Had ik die pestkoppen wel bozer moeten toespreken? Had ik moeten vragen naar namen, en school en klas om zo de school in kennis te stellen? De jongen zei mij een eindje verder: ‘het zijn ook mijn vrienden; soms doen ze leuk en soms doen ze zo’. Had ik moeten zeggen: ‘goh, fijne vrienden; ik zou andere zoeken’. Maar ik weet dat er kinderen zijn die blij zijn dat ze tenminste ergens bij horen.

Jammer vind ik dat ik de pestkoppen niet iets meer informatie heb gegeven – naast mijn uitspraak dat ‘dit toch verdomd veel op pesten lijkt’ – zoals:
– Dit is pesten en hier beschadig je de ander mee;
– Dat is niet over, als hij straks misschien weer lacht; dat vreet aan je. Jullie maken iemand ongelukkig.
– Als kinderen lang worden gepest worden ze ziek in hun hoofd (depressief) en sommigen plegen zelfmoord.
Of niet?

Wel tevreden ben ik over het feit dat ik er niet te hard ben ingegaan. Want daarvan weet ik dat het frustrerend kan zijn voor pesters. Waardoor zij soms deze frustratie weer afreageren op de minst weerbare. En over dát ik iets deed, waardoor de gepeste jongen in ieder geval hulp heeft ervaren.

Terugkomend op het verhaal van die moeder. Die vertelde zo mooi dat ze bij haar eerste kind altijd zei als die op schoolreis of zo ging: ‘heb plezier’. En dat ze inmiddels tegen haar tweede kind iets zegt als: ‘heb plezier en let erop dat anderen het ook leuk hebben’. Prachtig!

26 mei 2016

‘Niet zeuren, Kim!’

By |26 mei 2016|Pesten op school, Sta Sterk, Trainingen, Workshops|

‘Niet zeuren, Kim’ zei de leerkracht van groep 8 tegen Kim toen zij kwam vertellen over een pestsituatie. Wat was er aan de hand? Een paar klasgenoten hadden een negatieve opmerking gemaakt over haar prestaties op de sportdag. Een paar anderen hadden gegniffeld.

Ik kan me voorstellen dat de leerkracht zo heeft gereageerd. Het is ook niet niks om – waarschijnlijk – regelmatig hetzelfde kind aan je tafel te krijgen die aandacht wil voor wat haar is overkomen. Deze leerkracht denkt vast: ‘Een beetje meer pit, Kim! Je zegt gewoon ‘nou, èn’ of je denkt : ‘laat lekker kletsen’. En waarschijnlijk werkt dat zo voor deze leerkracht. Hij vindt haar te gevoelig en vindt dat ze steviger moet worden.

Hij kan ook denken: ‘nu verwacht ze weer dat ik handel en die kinderen aanspreek. Krijgen we weer een heel gesprek en dan is maar de vraag of men de waarheid spreekt. Of ze zeggen: het was maar een grapje; kan je daar nu niet tegen?’ en ik vind dat dat ze gelijk hebben….’

Nu de kant van Kim. Je zal maar vaak het doelwit zijn van nare opmerkingen en vaak ook andere vormen van pesten meemaken. Veel vaker dan de leerkracht of je ouders weten. Je voelt je er heel verdrietig en eenzaam onder. Je zou graag zijn zoals Lisa, die gewoon een grote mond terug geeft. Maar jij slaat dicht en kan niks bedenken. Dan ga je naar de leerkracht en dan krijg je nogmaals de kous op je kop, want er is geen begrip voor hoe jij je voelt.

Hoe dan wel?

1. Realiseer je je als leerkracht dat leerlingen veel meer meemaken dan wat jij te horen krijgt.
2. Je hoeft de boel niet (altijd) op te lossen. Het is al heel fijn dat je op een kind begripvol reageert. De realiteit is namelijk dat zij zich rot voelt. Of dat nu in jouw ogen terecht is of onterecht, je kunt begrip hebben voor haar gevoel. ‘Wat naar dat ze dat hebben gezegd. Je zal je wel verdrietig voelen. Klopt dat?’ Grote kans dat Kim zich nu in ieder geval een stukje beter voelt.
Wil je haar nog meer helpen? Kijk dan samen wat zij had kunnen doen of nu nog kan doen. Voorbeeldje: nu nog tegen die kinderen zeggen: Jullie vonden dat ik niet goed gesport heb; nou –( ik heb er even over nagedacht) – en ik vind van wel.’
3. Je zou haar ook nog kunnen helpen met een ‘helpende gedachte’: ‘Het gaat toch op de sportdag om samen lekker bezig zijn en ik heb jou heel actief gezien. Dus ze hebben geen gelijk.’ Dat kan haar stevigheid vergroten.
4. Je kan – let op: het hoeft niet – ook de kinderen die de opmerking maakten aanspreken op hun gedrag: ‘Wat hebben jullie tegen Kim gezegd? Dat was een grapje? Nou, het is alleen een grapje als iedereen erom kan lachen…..
Je kunt er eventueel aan toevoegen: Wat doen we hier als we per ongeluk een grapje maken en het is blijkbaar geen grapje voor iedereen? O, sorry zeggen? Nou, doe dat dan even.’
5. Veel mensen denken: ’ik zou er tegen kunnen, maar dat is toch echt de vraag. Iedereen kan in een bepaalde groep het doelwit worden en niemand vaart wel bij een geïsoleerde positie.

Kortom, geen tijd nemen om even begrip te tonen voor een kind dat (denkt dat het) gepest is, helpt het kind echt niet vooruit in haar weerbaarheid. Maar eerlijk is eerlijk, het helpt ook niet om de problemen altijd voor een kind op te lossen.

Succes met het vinden van een effectieve middenweg.

8 februari 2016

Helpt het; een anti-pestcoördinator?

By |8 februari 2016|Nieuws, Opleiding trainers, Pesten op school, Sta Sterk, Workshops|

Ja. Maar om met Bruno Mars te spreken: ‘don’t believe me, just watch’. En lees dus mee wat ik vond in een onderzoeksartikel. Mevrouw Espelage*, die vaker onderzoek naar pesten doet, heeft in 2015 interessant onderzoek uitgevoerd. Nu is er (nog) geen onderzoek gedaan naar de anti-pestcoördinator van vandaag de dag en wat dat betekent voor de praktijk. Dus we moeten het doen met wat indirect bewijs. Maar toch. Wat blijkt uit haar onderzoek?

– Als een directie steun verleent bij het op de agenda krijgen/houden van pesten en agressie, dan is daar op school minder agressie en minder victimisatie (het tot slachtoffer worden gemaakt).
Waar heeft men het dan over? Over een breed scala van acties: commitment om pesten op de agenda te krijgen/houden, het ontwikkelen van anti-pestbeleid, programma’s om pesten te voorkomen en trainingsfaciliteiten voor personeel voor de aanpak van dit probleem.

– Interventies door de staf om slachtoffers te helpen zorgen ervoor dat er een grotere bereidheid onder leerlingen is om zelf te interveniëren. Met andere woorden: als een school uitdraagt dat het van belang is om slachtoffers helpen, dan laat je zien dat het niet deugt om iemand te pesten en dat maakt dat meer leerlingen zich manifesteren als helper/verdediger.

– De uitgedragen gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen is gerelateerd aan minder pesten, minder slachtofferschap van pesten, minder agressie en een grotere bereidheid van leerlingen om voor een ander op te komen.

– Ook het afwijzen van seksuele intimidatie is gerelateerd aan minder pesten, minder slachtofferschap van pesten, minder agressie en een grotere bereidheid van leerlingen om voor een ander op te komen.

– Positieve leerkracht-leerling relaties zijn ook gerelateerd aan het bekende rijtje: minder pesten, minder slachtofferschap van pesten, minder agressie en een grotere bereidheid van leerlingen om voor een ander op te komen.

*Dorothy L. Espelage Joshua R. Polanin Sabina K. Low: Teacher and Staff Perceptions of School Environment as Predictors of Student Aggression, Victimization, and Willingness to Intervene in Bullying Situations

7 december 2015

Waarom ook alweer: pesten zo veel mogelijk uitbannen?

By |7 december 2015|Nieuws, Opleiding trainers, Sta Sterk, Workshops|

Laatst gaf ik workshops op een PABO. Heel leuk om met toekomstige leerkrachten te werken. Zij stellen – gelukkig – ook nog vragen die vast niet iedereen meer durft te stellen. Hij ging ongeveer zo: ‘pesten is van alle tijden; kan overal in groepen plaatsvinden. Als dat dan zo’n natuurlijk verschijnsel in groepen is; waarom er dan iets tegen doen?’

Mijn antwoord was een beetje flauw: kanker is ook een natuurlijk verschijnsel. Het zijn namelijk cellen die zich delen en dat gebeurt aan de lopende band. Daarvan zeggen we ook niet: het is een natuurlijk proces; jammer dan. Mensen met die ziekte proberen we te genezen. En we stoppen een hoop geld in onderzoek naar hoe dat nog beter kan.

Toch blijft het soms lastig om echt te begrijpen waarom worden gepest zulke vreselijke gevolgen heeft. Dat blijkt namelijk al jarenlang uit onderzoek. Ik doe een poging dat iets meer te verhelderen.

Mensen zijn sociale wezens. Zij hebben de behoefte om bij een (sub)groep te horen. Sommige deskundigen wijzen in dit verband op onze oorsprong: toen wij nog jagers en verzamelaars waren, waren we voor ons voortbestaan afhankelijk van de groep. Verstoting betekende immers altijd de dood. Inmiddels is dat niet meer zo, maar onze hersenen zijn als het ware nog zo geprogrammeerd. Of dit nu de verklaring voor de wens om bij de groep te horen is of niet, maakt niet uit. We weten dat ‘bij de groep horen’ voor alle mensen belangrijk is. Zou er iemand bestaan die nooit eens enige zorgen heeft gekend over ‘of je je wel thuis zou voelen’ in een nieuwe groep?

Ook zeggen sommigen: ‘ik zou het niet erg vinden als ze ‘…’ tegen mij zeggen of doen’. Nee, één keer is ook nog geen pesten. Wat pesten schadelijk maakt is voornamelijk de herhaling. Iemand wordt niet één keer uitgemaakt voor ‘debiel’, ‘homo’ of ‘varken’, maar dagelijks of wekelijks. De consequente herhaling van deze woorden maken het voor het slachtoffer zo pijnlijk. Datzelfde geldt voor meer lichamelijk pesten: slaan, schoppen, duwen. Bovendien realiseren sommigen zich niet dat er helemaal niet iedere dag gepest hoeft te worden om het slachtofferschap in stand te houden. Het idee dat anderen blijkbaar machtiger zijn dan jij en zomaar kunnen beginnen met het grof overschrijden van jouw grenzen, maakt een kind iedere dag tot slachtoffer; ook op dagen dat er niets gebeurt.

8 oktober 2015

Pesten: waarom óók slachtoffers trainen?

By |8 oktober 2015|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk|

Veel mensen denken rechtlijnig. Dat gaat ongeveer zo: kinderen die gepest worden zijn slachtoffer –> de daders zijn de schuldigen –> díe moeten iets leren –> geen training voor de slachtoffers. Die laatste stap klopt niet. In een pestsituatie hebben alle betrokkenen iets te leren. Niet omdat ze al dan niet schuld hebben, maar om het probleem op te lossen.

Natuurlijk is het van de zotte om als enige stap in het oplossen van een pestprobleem het slachtoffer een training te bieden. Alle interventiemogelijkheden moeten uit de kast worden gehaald. Alle volwassenen moeten hun verantwoordelijkheid hierin nemen. Slachtoffers hebben ook vaak iets te leren en willen dat zelf ook graag, omdat ze minder machteloos willen staan. Het gaat er niet om dat er iets ‘mis’ zou zijn met slachtoffers, maar het pesten is een aanslag op je zelfvertrouwen en beïnvloedt je gedrag. Daar kunnen zij goed hulp bij gebruiken.

Ook onderzoek wijst op de gevolgen van pesten, de gevolgen daarvan op het gedrag van een slachtoffer en de gevolgen daarvan op de kans op gepest worden. Vrij vertaald: onderzoek laat zien dat slachtoffers gespannen en angstig zijn (Isolan, Salum, Osowski, Zottis, & Manfro, 2013), hun omgeving als bedreigend en buiten hun controle zien (Fredstrom, Adams, & Gilman, 2011). Deze reacties op gepest worden maakt dat slachtoffers zich onderdanig, angstig en verdedigend gedragen (Perren& Alsaker, 2006), wat de agressie (want dat is pesten) van anderen kan prikkelen.

Het is afschuwelijk dat het zo werkt. Laten we slachtoffers helpen – naast allerlei andere acties – om weer meer controle over hun situatie te krijgen.

23 september 2015

Week tegen Pesten: zinnig?

By |23 september 2015|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk|

De Week tegen Pesten is bezig. Soms vragen mensen aan mij: vind jij zo’n week nu zinvol? JA! Om aandacht te krijgen voor het probleem bijvoorbeeld. Voor de effectieve aanpak van pesten is het natuurlijk maar een ‘dingetje’. Het hangt dus erg af van wat je met deze week beoogt.

In tal van media wordt er aandacht gegeven aan pesten. Dat is winst. Er zijn nog steeds ouders, ooms, tantes, leerkrachten, presentatoren, docenten, mentoren, buurvrouwen en buurmannen, die het pestprobleem bagatelliseren. Slachtoffers interviewen helpt om te laten zien dat pesten ernstige gevolgen heeft. Deskundigen aan het woord laten helpt om de kennis over oplossingen onder de kijkers/luisteraars weer iets te vergroten.

Ook scholen geven in deze week aandacht aan pesten door onder andere hierover lessen te verzorgen, als leerkracht/mentor zelf of een deskundige hiervoor in te schakelen. Ook dat is natuurlijk zinnig, omdat het kennis en kunde onder leerlingen vergroot. Er moet natuurlijk veel meer gebeuren. Wat?

– Acties op schoolniveau: beleid ontwikkelen, bouwen aan de sfeer, schoolbrede afspraken maken over de omgang met elkaar, bevorderen van onderling advies en hulp bieden, samenwerking met ouders bevorderen, etc.

– Acties op groepsniveau: groepsafspraken maken over omgaan met elkaar, bouwen aan groepscohesie, kennis over plagen/pesten/handelingsmogelijkheden bieden, kennis vergroten over: bij wie kan ik terecht en wat gebeurt er na melden van pesten, etc.

– Acties op individueel niveau: bevorderen dat beroepskrachten weten hoe te handelen en dat in de vingers hebben, slachtoffers die (intern of extern) begeleiding krijgen (bijvoorbeeld de Sta Sterk training), etc.

Logo week tegen pesten
Een lastige klus, maar zeker ook een uitdagende: een veilige school voor iedereen!

3 juni 2015

Gesprek met slachtoffer van pesten nr 2

By |3 juni 2015|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk|

U had nog een ‘andere kant van het verhaal’ van mij tegoed. Namelijk de andere kant van ‘het is niet jouw schuld dat je wordt gepest’. Natuurlijk is het zo: jij bent oké zoals je bent. ‘Zoals je bent’ is echter geen vast gegeven: iedereen leert er nog alle dagen dingen bij: bewust, omdat je ze opzoekt, en onbewust, door de ervaringen die je opdoet.

Kinderen die worden gepest, worden geremd in hun ontwikkeling. Zij nemen natuurlijk niet meer met alle vertrouwen deel aan het sociale verkeer. Dat maakt dat zij vaak niet meer op de meest handige manier omgaan met anderen. Bijvoorbeeld:

– Maartje zegt in een groep bijna niets meer (dan blijf ik ‘buiten schot’, denkt ze);
– Jonas roept het in de klas meteen als een ander een fout maakt (dan ziet iedereen dat ik echt niet de enige ben die ‘dom is’, denkt hij);
– Sam maakt grapjes die door klasgenoten niet gewaardeerd worden (ze lachen wel om de grapjes die Samir maakt; zo krijg ik in ieder geval aandacht, denkt hij);
– Tina is van slag als er maar ‘iets’ niet helemaal goed gaat (ze moeten altijd mij hebben, denkt zij (ook al is er sprake van onhandige communicatie en niet van pesten));
– Rowan voert meteen het hoogste woord als hij bij een groepje op het schoolplein gaat staan (ik wil er ook bij horen en niet meer alleen staan, denkt hij).

vrienden3
Het is voor kinderen fijn als zij zien dat zij niet machteloos zijn. Zij kunnen immers door ander gedrag te leren een bijdrage leveren aan de verandering van de situatie. Gedrag dat respectvol is naar henzelf toe en naar anderen toe.

10 februari 2015

Slachtoffers die ook ‘pester’ zijn

By |10 februari 2015|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk|

boos reageren op pesten

boos reageren op pesten

Vaak worden gepeste kinderen stiller en trekken zij zich meer terug. Zij willen zichzelf beschermen tegen de agressie of uitsluiting door anderen. Toch zitten er regelmatig kinderen en jongeren tussen de groep gepesten, die zich teweer stellen tegen het gepest.

Met soms nare gevolgen: het kind wordt niet gezien als slachtoffer, maar als dader of minstens als: ‘je doet het zelf ook’. Dat neemt niet weg dat deze kinderen en jongeren zich diep van binnen rot voelen en hulp nodig hebben. Zij kunnen namelijk leren om zich rustig en sterk op te stellen. Bijvoorbeeld door het volgen van een training om te leren hoe je rustig en zelfverzekerd kan reageren op pesten. En met de nodige aandacht voor het pestprobleem van volwassenen in de omgeving: leerkracht/mentor, conciërge, ouders lukt het vaak om het tij te keren.

Daarvoor is goede signalering door volwassenen in de omgeving nodig. Is het kind vaker betrokken bij ‘reuring’ op het schoolplein? Reageert het boos op dingen die gebeuren in de groep? Dan is het zaak om beter te kijken naar wat er aan de hand is. Achterhaal in gesprekken met dit kind en met anderen uit de omgeving wat er zoal gebeurt. Kinderen die zelf ook niet handig opereren, doen dit omdat ze geen alternatieven voor dit gedrag zien. En soms omdat ze die wel zien maar er nog niet toe in staat zijn. Gun deze kinderen de kans dat te leren. Voor henzelf en hun omgeving.

30 januari 2015

Wat een maand: lezing aanpak pesten, cursus anti-pestcoördinator en de NOT

By |30 januari 2015|Nieuws, Sta Sterk|

Morgen is het de laatste dag van januari. Wat een bruisende maand is het dan voor mij geweest en wat doet het me goed: weer een hoop mensen gesproken en elkaar geïnformeerd en geïnspireerd om pesten te blijven aanpakken. Eerst de lezing op 7 januari over de ‘aanpak van pesten in Nederland’, toen een workshop voor PABO-studenten, daarna de cursus anti-pestcoördinator voor beroepskrachten in het v.o. en dan morgen (31 januari) de NOT, waar ik voor Stichting Omgaan met Pesten ga staan.

Hoog tijd om ook weer aandacht te geven aan de groepslessen Sta Sterk: vanaf maart draai ik weer een groep Sta Sterk voor kinderen van 8-12 jaar en een groep voor jongeren van 12-15 jaar. Gun uw leerling/kind de handvatten voor een assertieve manier van reageren! Ze worden er zo veel gelukkiger van.

Data Sta Sterk training

27 mei 2014

Sta Sterk op School op NJi-lijst

By |27 mei 2014|Nieuws, Sta Sterk|

Sta Sterk op School op NJi-lijst met goede anti-pestprogramma’s

De pestproblematiek in Nederland verdient een stevige aanpak. En vandaag is een goede stap gemaakt! Staatssecretaris Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Kinderombudsman Dullaert hebben de handen ineen geslagen en het onafhankelijke Nederlands Jeugd Instituut (NJi) opdracht gegeven om te bepalen welke aanpakken goed zijn.

De interventie van de stichting Omgaan met Pesten is op de lijst met toegestane anti-pestmethoden geplaatst. Dit betekent dat Sta Sterk op school kwaliteit biedt en ingezet mag worden op scholen.

Kijk voor meer informatie op http://www.nji.nl/nl/Databanken/Databank-Effectieve-Jeugdinterventies/Erkende-interventies/Sta-Sterk-Training

Al tien jaar worden vanuit de Stichting Omgaan met Pesten opleiders getraind

[/fusion_highlight] in de Sta Sterk methode. Inmiddels zijn er 75 gecertificeerde trainers in Nederland die deze methode geven en daarmee het pesten tegengaan. Dit is een belangrijk moment voor iedereen die de negatieve gevolgen van pesten ervaart. Het is fijn om te horen dat het werk dat wij al jaren doen, wordt erkend door onafhankelijke deskundigen. We zien dit dan ook als een extra stimulans om het werk met nog meer energie en enthousiasme voort te zetten om het pesten in Nederland te bestrijden.