6 september 2016

Denken scholen te gemakkelijk over de anti-pestwet?

By |6 september 2016|Nieuws, Pesten op school, Trainingen, Workshops|

Een jaar geleden is de anti-pestwet, officieel: de wet sociale veiligheid op school, in werking getreden. Vanaf 1 augustus 2016 gaat de onderwijsinspectie letten op de uitvoering ervan door scholen.

boos reageren op pesten

boos reageren op pesten

Er is door sommige organisaties nogal ‘sussend’ gereageerd op deze wet:
– alleen de 10 á 20 procent van de scholen die hun beleid niet op orde hebben, zouden ‘aan de gang’ moeten,
– de meeste scholen doen al aan monitoring van het welbevinden van hun leerlingen, en
– het was vóór deze wet al verplicht om een anti-pestprotocol te hebben.

In de memorie van toelichting bij de wet, staan een aantal zaken die de wet verduidelijken. Uit deze tekst blijkt dat scholen wel degelijk goed moeten kijken naar de verplichtingen die de wet stelt. Hierbij de vijf verplichtingen voor het voetlicht

1. Het gaat om beleid dat wordt uitgevoerd. Het is niet voldoende om alleen beleid op papier te hebben; het beleid moet uitgevoerd worden (‘stevig verankerd in de dagelijkse praktijk van de school’) . Een belangrijke vraag voor scholen is dan ook: hoe krijgen we het in de hoofden, harten en handen van alle medewerkers?
Sterker, ook het vormgeven van het beleid dient in samenspraak met anderen te geschieden: ‘Een school dient het beleid te vormen met alle betrokkenen in de school (leerlingen, leraren, medezeggenschapsraad, ouders).’

2. Het beleid mag niet bestaan uit één enkele actie. Het kan niet zo zijn dat een school zegt: ‘wij werken met anti-pestprogramma X, punt.’ Het gaat om ‘een set van samenhangende maatregelen te ontwikkelen, gericht op preventie en op het afhandelen van incidenten.’

Van folder Medilex congres pesten in v.o.

Van folder Medilex congres pesten in v.o.

3. Het beleid dient kenbaar gemaakt te worden aan allen die ermee te maken (kunnen) krijgen. In de memorie van toelichting staat zelfs: De schoolleiding maakt in de schoolgids duidelijk wie welke taken heeft.
De afgelopen weken heb ik diverse websites van scholen bekeken. Ik vond slechts een enkele school waarbij helder werd gemaakt bij wie ik terecht kon in het geval van een pestprobleem.

4. De taak coördinatie van het anti-pestbeleid dient bij iemand te zijn belegd. Met deze taak wordt bedoeld dat één persoon binnen de school belast is met ‘de coördinatie van beleid in het kader van het tegengaan van pesten’. Dat zal dus iemand moeten zijn die niet alleen veel weet op het pestprobleem en effectief handelen daarbij, maar ook iemand die beleid kan formuleren en implementeren. Ook de taak ‘aanspreekpunt’ moet een persoon op zich nemen. Die fungeert als de vraagbaak voor ouders en collega’s.
Vaak zullen scholen ervoor kiezen om deze taken bij één persoon neer te leggen. In de memorie van toelichting: ‘Deze persoon kan vanuit zijn opgebouwde kennis op het gebied van pesten bijvoorbeeld fungeren als klankbord voor leraren met vragen en adviseur zijn van de schoolleiding op het gebied van de structurele aanpak van pesten.’ Is de huidige kennis over pesten van uw ‘anti-pestcoördinator’ actueel genoeg om alle vragen te beantwoorden en om beleid te ontwikkelen en te implementeren?

5. Monitoring is het laatste belangrijke onderdeel van de wet. Iedere school moet regelmatig, een keer per jaar, inventariseren hoe het staat met de beleven sociale veiligheid op de school. Een veiligheidsbeleid leidt immers niet zonder meer tot een veilige school: ‘de gegevens over sociale onveiligheid zijn nodig om te kunnen vaststellen of verbetering of aanpassing van beleid nodig is.’ Veel scholen hanteren al een vragenlijst om dit te meten. Echter, doel van de wet is: terugdringen van aantal gepeste kinderen. Wat gebeurt er dus met de resultaten van deze inventarisatie? Welke aanpassingen voert de school door om de situatie – hoe goed ook – te verbeteren?
Om te kunnen controleren heeft de inspectie ‘toegang tot de monitorgegevens van de school, en ziet erop toe dat scholen op basis daarvan zo nodig vroegtijdig maatregelen tot verbetering treffen’.

Snel en up-to-date geïnformeerd zijn? De cursus Anti-pestcoördinator van stichting Omgaan met Pesten behandelt alle relevante zaken.
Meer informatie:
cursussen@omgaanmetpesten.nl