26 mei 2016

‘Niet zeuren, Kim!’

By |26 mei 2016|Pesten op school, Sta Sterk, Trainingen, Workshops|

‘Niet zeuren, Kim’ zei de leerkracht van groep 8 tegen Kim toen zij kwam vertellen over een pestsituatie. Wat was er aan de hand? Een paar klasgenoten hadden een negatieve opmerking gemaakt over haar prestaties op de sportdag. Een paar anderen hadden gegniffeld.

Ik kan me voorstellen dat de leerkracht zo heeft gereageerd. Het is ook niet niks om – waarschijnlijk – regelmatig hetzelfde kind aan je tafel te krijgen die aandacht wil voor wat haar is overkomen. Deze leerkracht denkt vast: ‘Een beetje meer pit, Kim! Je zegt gewoon ‘nou, èn’ of je denkt : ‘laat lekker kletsen’. En waarschijnlijk werkt dat zo voor deze leerkracht. Hij vindt haar te gevoelig en vindt dat ze steviger moet worden.

Hij kan ook denken: ‘nu verwacht ze weer dat ik handel en die kinderen aanspreek. Krijgen we weer een heel gesprek en dan is maar de vraag of men de waarheid spreekt. Of ze zeggen: het was maar een grapje; kan je daar nu niet tegen?’ en ik vind dat dat ze gelijk hebben….’

Nu de kant van Kim. Je zal maar vaak het doelwit zijn van nare opmerkingen en vaak ook andere vormen van pesten meemaken. Veel vaker dan de leerkracht of je ouders weten. Je voelt je er heel verdrietig en eenzaam onder. Je zou graag zijn zoals Lisa, die gewoon een grote mond terug geeft. Maar jij slaat dicht en kan niks bedenken. Dan ga je naar de leerkracht en dan krijg je nogmaals de kous op je kop, want er is geen begrip voor hoe jij je voelt.

Hoe dan wel?

1. Realiseer je je als leerkracht dat leerlingen veel meer meemaken dan wat jij te horen krijgt.
2. Je hoeft de boel niet (altijd) op te lossen. Het is al heel fijn dat je op een kind begripvol reageert. De realiteit is namelijk dat zij zich rot voelt. Of dat nu in jouw ogen terecht is of onterecht, je kunt begrip hebben voor haar gevoel. ‘Wat naar dat ze dat hebben gezegd. Je zal je wel verdrietig voelen. Klopt dat?’ Grote kans dat Kim zich nu in ieder geval een stukje beter voelt.
Wil je haar nog meer helpen? Kijk dan samen wat zij had kunnen doen of nu nog kan doen. Voorbeeldje: nu nog tegen die kinderen zeggen: Jullie vonden dat ik niet goed gesport heb; nou –( ik heb er even over nagedacht) – en ik vind van wel.’
3. Je zou haar ook nog kunnen helpen met een ‘helpende gedachte’: ‘Het gaat toch op de sportdag om samen lekker bezig zijn en ik heb jou heel actief gezien. Dus ze hebben geen gelijk.’ Dat kan haar stevigheid vergroten.
4. Je kan – let op: het hoeft niet – ook de kinderen die de opmerking maakten aanspreken op hun gedrag: ‘Wat hebben jullie tegen Kim gezegd? Dat was een grapje? Nou, het is alleen een grapje als iedereen erom kan lachen…..
Je kunt er eventueel aan toevoegen: Wat doen we hier als we per ongeluk een grapje maken en het is blijkbaar geen grapje voor iedereen? O, sorry zeggen? Nou, doe dat dan even.’
5. Veel mensen denken: ’ik zou er tegen kunnen, maar dat is toch echt de vraag. Iedereen kan in een bepaalde groep het doelwit worden en niemand vaart wel bij een geïsoleerde positie.

Kortom, geen tijd nemen om even begrip te tonen voor een kind dat (denkt dat het) gepest is, helpt het kind echt niet vooruit in haar weerbaarheid. Maar eerlijk is eerlijk, het helpt ook niet om de problemen altijd voor een kind op te lossen.

Succes met het vinden van een effectieve middenweg.