25 oktober 2015

Het schoolplein: vechtpartij of pesten?

By |25 oktober 2015|Nieuws, Pesten op school, Trainingen, Workshops|

plaatje vuistEr is iets gaande op het schoolplein. Er wordt gevochten. Volwassenen snellen toe om de vechtersbazen uit elkaar te halen. ‘Wat is hier aan de hand?’ vraagt de conciërge. ‘Hij’, zegt een van de leerlingen wijzend, ‘gaf hem ineens een duw.’ Met beide jongens wordt een gesprek gevoerd. De jongen die begon met duwen, wordt een dag geschorst, want ‘vechten wordt hier niet getolereerd’.

Vast een herkenbare of voorstelbare situatie, want uit het leven gegrepen. Wat was hier werkelijk aan de hand? De geschorste jongen werd al wekenlang door een groepje gepest. Uitgescholden, zijn spullen afgepakt, achterna gezeten op het schoolplein. Op enig moment was voor hem de maat vol. Hij draaide zich om en gaf de eerste die hij zag een enorme duw waardoor deze achterover tegen anderen aan viel.

De volwassenen in een school verzuchtten dan: ‘(1) waarom zegt zo’n jongen dan niks in het gesprek dat ik met hem voer?’ ‘(2) Waarom zeggen andere leerlingen dan niet hoe het in elkaar zit?’’(3) Waarom komt zo’n leerlingen niet eerder naar mij toe om te zeggen dat hij gepest wordt? Heel frustrerend voor alle volwassenen binnen school, die het graag voor alle leerlingen veilig maken.

De antwoorden op de vragen: Vraag 1: omdat hij denkt dat zijn positie in de groep verslechtert als hij nu ‘klikt’ en het pesten erger wordt of omdat hij denkt dat hij ook niet had moeten beginnen met vechten. Vraag 2: omdat de meelopers die er omheen staan de pester(s) niet afvallen of omdat het antwoord het juiste is op de gestelde vraag. Vraag 3: omdat leerlingen het idee hebben – of de ervaring hebben – dat het niet helpt om over pesten te praten of omdat leerlingen denken dat het gepest aan hen ligt en ze het schaamtevol vinden om hiervoor uit te komen.

Er nog meer verklaringen.

Wat te doen? Drie tips:
– altijd in het achterhoofd houden dat wat je ziet niet altijd is ‘wat het is’;
– langer ‘onderzoek’ doen naar wat er aan de hand is: als leerkrachten/docenten eens een week extra goed kijken naar wat er zich afspeelt tussen deze leerlingen; ook in de meer vrije momenten; en ook andere klasgenoten bevragen (de helpers, buitenstaanders)
– om pestgedrag in de kiem te smoren is het belangrijk om alle leerlingen te leren: praten over pesten ≠ klikken. En niet door dit even te noemen of het ergens op te schrijven, maar ook andere methoden gebruiken om dit ‘tussen de oren’ te krijgen.

Meer concrete handvatten? Ik geef weer les op de cursus Anti-pestcoördinator op dinsdag 26 en woensdag 27 januari 2016.

www.omgaanmetpesten.nl

8 oktober 2015

Pesten: waarom óók slachtoffers trainen?

By |8 oktober 2015|Nieuws, Pesten op school, Sta Sterk|

Veel mensen denken rechtlijnig. Dat gaat ongeveer zo: kinderen die gepest worden zijn slachtoffer –> de daders zijn de schuldigen –> díe moeten iets leren –> geen training voor de slachtoffers. Die laatste stap klopt niet. In een pestsituatie hebben alle betrokkenen iets te leren. Niet omdat ze al dan niet schuld hebben, maar om het probleem op te lossen.

Natuurlijk is het van de zotte om als enige stap in het oplossen van een pestprobleem het slachtoffer een training te bieden. Alle interventiemogelijkheden moeten uit de kast worden gehaald. Alle volwassenen moeten hun verantwoordelijkheid hierin nemen. Slachtoffers hebben ook vaak iets te leren en willen dat zelf ook graag, omdat ze minder machteloos willen staan. Het gaat er niet om dat er iets ‘mis’ zou zijn met slachtoffers, maar het pesten is een aanslag op je zelfvertrouwen en beïnvloedt je gedrag. Daar kunnen zij goed hulp bij gebruiken.

Ook onderzoek wijst op de gevolgen van pesten, de gevolgen daarvan op het gedrag van een slachtoffer en de gevolgen daarvan op de kans op gepest worden. Vrij vertaald: onderzoek laat zien dat slachtoffers gespannen en angstig zijn (Isolan, Salum, Osowski, Zottis, & Manfro, 2013), hun omgeving als bedreigend en buiten hun controle zien (Fredstrom, Adams, & Gilman, 2011). Deze reacties op gepest worden maakt dat slachtoffers zich onderdanig, angstig en verdedigend gedragen (Perren& Alsaker, 2006), wat de agressie (want dat is pesten) van anderen kan prikkelen.

Het is afschuwelijk dat het zo werkt. Laten we slachtoffers helpen – naast allerlei andere acties – om weer meer controle over hun situatie te krijgen.